Beerse Vlimmeren

Beerse Vlimmeren

Korte geschiedenis
In 1987 werd het plan opgevat om een eigen kerststal te bouwen nadat de gemeente enkele malen een kerststal had neergezet die lokaal verder afgewerkt moest worden. Indachtig het gezegde “wat we zelf doen, doen we beter” ging men in het najaar van 1987 van start om voor het eerst zelf een kerststal op te bouwen. Bomen kwamen van een plaatselijke bouwaannemer toen deze moesten wijken voor een nieuwe villa. De bomen werden gezaagd in een gekende zagerij van Wechelderzande. Voor het timmerwerk kon men beroep doen op twee ervaren vaklui van Vlimmeren. Het was wel zwaar werk want het hout was nog groen en nat. Het werden twee vakken, eentje voor de dieren en eentje voor de beelden. Om het hout te beschermen tegen rotten en “memel” werd het behandeld met afloop-olie en petroleum. Na enkele jaren bleek de stal te klein. Weer kreeg men bomen om te zagen. Er kwam nu ook een winterbar (door de kerststalbouwer het ‘bierkot’ genoemd) bij. Deze is tijdens de kerstdagen geopend, kwestie van iets extra te verdienen voor een borrel tijdens het opstellen of afbreken.

Jaar van ontstaan
1987

Oorspronkelijke initiatiefnemers
Gust Van Der Linden, Mil Michielsen, Louis Boogaerts, Louis Van den Langenberg, Louis Jansen  en nog vele anderen.

Ontwerper kerststal
Gust Van der Linden

Huidige beheerders
Kerststalcomité Vlimmeren

Gebruikte materialen
De  constructie is gemaakt uit hout afkomstig van gerooide bomen (omwille van villabouw) en van de omliggende bossen. De boomse pannen zijn gekregen van boeren die hun schuur of stal afbraken.

Ontwerpers en makers van de kerstbeelden
Paspoppen dienden voor de beelden. Voor het Mariabeeld was een knielende paspop nodig. Deze had echter een gebroken been. Met plaaster en ijzerdraad werd ze gerepareerd. Het Mariabeeld doet nog altijd dienst. De aankleding gebeurde door de plaatselijke vrouwenverenigingen. Zij vonden dit geen immers geen werk voor mannen.

Leuke Anekdotes
Enkele jonge mannen (met een pint teveel op) wedden dat ze den ezel mee naar hun stamcafé konden brengen. De ezel liet zich niet doen en gedroeg zich als een echte ezel. Hun poging hield op toen één van hen “een ferme patat” tegen zijn schenen kreeg en een andere het gebit van den ezel voelde. Weddenschap verloren…